De collecte. Over geld in de liturgie en in de Westerse cultuur (I)

De collecte. Over geld in de liturgie en in de Westerse cultuur (I)

11-07-2015


Wie wil begrijpen wat er in de kerk gebeurt op zondagmorgen, zal zich behalve in de Bijbel en in de geschiedenis van de liturgie ook moeten verdiepen in de culturele en maatschappelijke context waarin we leven. Het liturgische ritueel staat niet op zichzelf, maar krijgt betekenis in de interactie met deze wereld.

Een onderdeel van de kerkdienst dat volgens sommigen gemist zou kunnen worden, is de collecte. Is de collecte wel liturgie? Het inzamelen van geld voor een goed doel zou op een andere manier bovendien veel gemakkelijker en efficiënter kunnen. Toch komt in de kerkelijke collecte een omgang met geld naar voren die de moeite waard is en die te denken geeft over wie een mens is voor God. Verderop en in een vervolg op dit stuk kom ik daarop terug.

Elders in de cultuur vinden we ook rituelen rond geld, bijvoorbeeld in de sfeer van de economie. In een recent boek over liturgie in de netwerksamenleving (zie onderaan deze bijdrage) wordt daarvan een sprekend voorbeeld gegeven. Vertaald neem ik het hier over.

"Na de 'aanval op Amerika' van 11 september 2001 ging de beurs van Wall Street op 17 september opnieuw open. Het ritueel van de opening laat zien hoe de Westerse wereld denkt over geld. De vloer van de effectenbeurs loopt vol, er is rumoer, tot de celebranten - op één vrouw na allemaal mannen - het balkon boven de handelsvloer betreden. Op het balkon zijn een klok en een bel. De gastvoorganger van de ceremonie is een brandweerman uit New York. Hij vertegenwoordigt de groep van helden, van wie velen het ultieme offer van hun leven brachten om anderen te redden. Het ritueel begint met een stil moment van gedachtenis. Dan wordt er een lied gezongen - God save America. Dit verbindt de effectenbeurs, de American dream van vrije handel en het maken van geld, en de overtuiging dat geen enkele aanval ooit die droom kan vernietigen (ook al vraagt dat offers) met het Opperwezen. Daarna luidt de brandweerman de bel: het signaal dat de transcendente Amerikaanse droom weer kan worden gerealiseerd in de geldhandel. De handel begint en de nervositeit van de effectenhandel en van de gehele wereld wordt getranssubstantieerd in wáár geld. God zij dank vielen de markten niet te veel terug in de eerste dagen na de heropening van Wall Street. De gebeden werden verhoord. De stabiliteit van de wereldeconomie bleek bestand tegen de aanval op Amerika."

Geld en het maken van geld behoren tot de hoogste waarden van de Westerse cultuur. Het ritueel op Wall Street na 9/11 verbindt geld met het goddelijke, de samenleving als geheel en het brengen van offers. Als geld de standaard is waaraan alle waarden worden afgemeten, is het in feite de hoogste van alle waarden. Het begrip van wie we zijn en wat we doen wordt dan primair in geld uitgedrukt. In een samenleving die bovendien het doel van het eigen bestaan kan samenvatten met een slogan als 'The business of America is business' (J.C. Coolidge, president van 1923-1929), krijgt dit hele verhaal trekken van een 'theologie'.

Waar het ritueel op Wall Street op bijkans blasfemische wijze het grote geld (big money) heiligt, gaat tijdens de collecte in een kerkdienst de aandacht veeleer uit naar de kleintjes. De vraag is echter of dat altijd goed uit de verf komt. Ik geef een beschrijving van het ritueel zoals dat in een mainstream protestantse kerk kan worden aangetroffen en laat af en toe alvast blijken met welke aspecten ik minder gelukkig ben.

Na preek, geloofsbelijdenis en voorbede volgt doorgaans de inzameling van de geldelijke gaven. Intussen maken de voorganger en de diaken de tafel gereed voor het vieren van de Maaltijd van de Heer, de eucharistie. In veel protestantse kerken gaat het zo dat een wit damasten laken wordt opgetild en brood en wijn zichtbaar worden - de koster heeft dat vóór de dienst al klaargezet. In sommige gemeenten worden tijdens de inzameling en het gereedmaken van de tafel allerlei mededelingen over de aanwezigen uitgestort, wat de aandacht afleidt van het geven. Anders dan in de wereld, komt er bij de geldelijke giften ten onrechte vaak weinig devotie aan te pas.

Het geld dat is ingezameld, wordt naar voren gedragen, naar de tafel - als het tenminste niet meteen wie weet waarheen wordt gebracht. Daarna wordt er een gebed uitgesproken vóór de dienst wordt voortgezet met het eucharistische gebed.

Hoe kun je hier naar kijken? In de rituele gang naar de tafel, nadert een gemeenschap tot God. Zij gaat een drempel over om Hem te ontmoeten in brood en wijn. Het naderen tot de tafel dient zó te gebeuren dat het patroon van het Koninkrijk van God zich erin aftekent. Als dat niet gebeurt, is het effect van het ritueel contraproductief. Maar wat zou hier, in het inzamelen en naar voren dragen van het geld, nu als afspiegeling van dat Koninkrijk kunnen gelden?

In een volgende bijdrage zal ik ingaan op twee gelijkenissen uit Lukas 15 en die in verband brengen met de collecte. Ik zal dan onder andere naar voren halen dat het inzamelen van de gaven op te vatten is als een geestelijke oefening. Een oefening in beschikbaarheid voor het Koninkrijk van God. Een oefening die je op zondagmorgen kunt doen, ook als je alle andere dagen van de week belegt op de beurs.

ds. Eward Postma

De tekst hierboven is gebaseerd op Barnard, Cilliers en Wepener (red.), Worship in the Network Culture. Liturgical Ritual Studies. Fields and Methods, Concepts and Metaphors (Leuven 2014), p. 346-349